Als twintiger zeg ik: laat mijn pensioenfonds groener beleggen

Als twintiger zeg ik: laat mijn pensioenfonds groener beleggen

Jongeren hebben iets over voor een duurzamer toekomst, denkt Roos van den Wildenberg, jurist bij de overheid. Waarom houdt haar pensioenfonds ABP daar geen rekening mee?

Pensioen, eerlijk gezegd is het met mijn 28 jaar een ver-van-mijn-bedshow. Af en toe zie ik nieuws voorbijkomen over een pen­sioenakkoord, het korten van de pensioenen, het toch niet korten van de pensioenen, het verhogen van de AOW-leeftijd of juist niet. Hoewel het misschien wel zou moeten, ik kon er geen interesse voor opbrengen. Ik maak me druk over andere dingen, waaronder de klimaatcrisis. En met mij veel leeftijdsgenoten. En juist daarom zouden wij ons wél druk moeten maken over onze pensioenen.

Nu denk je: pensioen en klimaat, wat heeft dat nu met elkaar te maken? Nadat ik de Tegenlicht-uitzending van 28 februari, Groen geld, had gezien, wist ik het antwoord op deze vraag: het heeft alles met elkaar te maken. In een kapitalistische samenleving zijn problemen nog altijd het best op te lossen met geld. En we kunnen kiezen wat we met ons geld doet.

Aan het denken gezet
Door een Amerikaanse journaliste van de Financial Times werd ik aan het denken gezet. Zij zei: wil je iets doen aan het klimaat, dan eet je waarschijnlijk minder vlees, vlieg je minder of recycle je het vuilnis. Maar weet je eigenlijk wel waar jouw pensioenfonds in belegt? Mijn antwoord: nee. Dus ben ik dat eens gaan bekijken.

Mijn pensioenfonds (voor de overheid en het onderwijs) is ook meteen het grootste pensioenfonds van Nederland: ABP heeft 463 euro ­miljard in beheer. Vanwege zijn ­concurrentiepositie geeft het geen detailinformatie over zijn positie op de beleggingsmarkt, maar toch staat er wel interessante informatie op de website. Zo schrijft ABP op zijn site dat het ‘op een duurzame en verantwoorde manier belegt’. “65 miljard euro van de beleggingen van ABP draagt hier meetbaar aan bij.”

Dat betekent dus bijna 400 miljard euro niet. En als ik de top 100 beleggingen van ABP bekijk, zie ik ook meteen waar die 400 miljard euro wel naartoe gaat: staatsobligaties van landen die op z’n zachtst gezegd niet bekendstaan om de beste klimaatdoelstellingen (de VS, Brazilië, Australië) en grote commerciële bedrijven die het klimaat zeker niet op nummer één hebben staan, waaronder Shell, Alibaba, Amazon.

Mijn eerste reactie was: ik wil ­helemaal niet dat er elke maand een groot deel van mijn inkomen naar deze bedrijven gaat. Hoe kan ik dit veranderen?

Maar ik kan niets doen. Ik kan er, als werknemer, niet voor kiezen om over te stappen naar een ander pensioenfonds, of om mijn geld zelf te beleggen in een groen investeringsfonds.

Enorme kans voor klimaat
Het verbaast mij eerlijk gezegd dat dit geen groot politiek thema is als het gaat om het klimaat. Het gaat om zo veel geld, veel meer geld dan dat de Nederlandse overheid ooit aan klimaat zou kunnen besteden. Hier ligt een enorme kans.

Verschillende experts zeggen dat er geen verschil in rendement is tussen conventionele fondsen en duurzame fondsen. Je zou zelfs kunnen betogen dat investeren in landen en bedrijven die aantoonbaar niet bijdragen aan het oplossen van klimaatproblemen op de lange termijn financieel niet slim is.

Maar als dit verschil in rendement er wél zou zijn, dan weet ik ­zeker dat een groot deel van mijn leeftijdsgenoten een paar procent rendement zou willen inleveren voor de zekerheid van een leefbare wereld over veertig jaar – als ze recht hebben op hun pensioenuitkering.

Zouden de (bijna) pensioen­gerechtigden ook een stapje terug willen doen, dan kunnen we misschien nog sneller de klimaatdoelstellingen bereiken. Een mooie ­manier om ook de generatiekloof te dichten?

Ik durf te hopen!
Bron

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *